Juiste beweging skiën.

 De juiste beweging skiën en hoe deze toe te passen.

Het is leuk om met de juiste beweging te skiën.

Zo kunnen we de angsten tijdens het skiën verminderen of voorkomen.

Misschien moeten er aanpassingen worden gedaan aan de manier waarop skiën moet worden gedaan.

Er zijn een aantal voorwaarden waaraan moet worden voldaan. Deze moeten meteen geleerd worden, al vanaf het begin.

De voorwaarden zijn heel persoonlijk, afhankelijk van wat je nodig hebt, wat je kunt en waarom je het wilt.

Skiën leren.

Wanneer is het skiën leuk of niet leuk?

Wat is de uitdaging van het skiën?

Hoe kunnen we daaraan voldoen, zodat de uitdaging een positief effect heeft?

Het is nooit leuk om te moeten falen, dus de uitdaging zal een redelijke kans van slagen moeten hebben.

juiste beweging skien

Een van de regels op de piste is:

Skiën met snelheidscontrole.

De snelheid onder controle hebben en houden is van essentieel belang bij het skiën en dat kan door de juiste skibewegingen te maken.

Hoe schuiner de helling, des te harder kunnen we gaan en des te harder trekt de zwaartekracht. Let op: er is gesteld ‘kunnen’, dus niet dat we dan ook hard moeten gaan.

Skiën zonder zwaartekracht en een schuin vlak is niet mogelijk.

Door de zwaartekracht glijden we naar beneden en hoe steiler de helling, des te harder trekt de zwaartekracht ons naar beneden. Deze kracht is persoonsgebonden. In vergelijking met het gewicht is er een verschil in de kracht waarmee er getrokken of gegleden wordt.

De uitdaging kan daarom zijn: hoe beheers ik de zwaartekracht?

Het skiën is een spel met de zwaartekracht, de ondergrond, wrijving, de snelheid en druk die hierdoor kan ontstaan op de ski’s en op het lichaam, en met de zwaartekracht.

Het is dan ook belangrijk om te weten hoe deze zwaartekracht loopt. Dit noemen we ook wel de vallijn.

De vallijn is de lijn waarlangs een voorwerp naar beneden komt zonder dat daar verder krachten op worden uitgeoefend. Een stuk steen of een bal volgt dezelfde weg als deze boven op een berg wordt losgelaten.

Met skiën is dit hetzelfde: staan we op ski’s en houden we deze vlak, dan zullen de ski’s ook deze lijn gaan volgen.

De vallijn is de lijn die richting het dal wijst, dus loodrecht richting het dal gaan we het snelst.

juiste beweging skien

Hoe kun je ervoor zorgen dat je niet te snel gaat tijdens het skiën?

juiste beweging skien

Wat zijn de kernwaarden of basisbewegingen of uitgangspunten?

Houden we de ski’s haaks op de vallijn op de zijkanten, dan zal er niets gebeuren.

De ski’s op de zijkanten zetten, noemen we kantelen. We doen dit altijd als we op een schuin vlak lopen. We zetten de voeten ook op de zijkant, min of meer horizontaal.

Wanneer we de ski’s vlak houden, kunnen ze zijwaarts gaan glijden en wanneer we ze weer op de zijkant zetten, stoppen we met zijwaarts glijden. Hoeveel wrijving er is, is weer afhankelijk van de wrijving met de ondergrond. Zachte sneeuw of harde, ijzige sneeuw. De houding op de ski’s is ook van invloed op de richting waarin we glijden. Het zwaarst zal de eerste zijn die zal glijden.

Met de juiste bewegingen skiën, 

is de juiste houding op de ski’s bij het skiën.

Wat is hierbij de juiste beweging: skiën?

juiste beweging skien

Wat is met een juiste beweging skiën?

Hoe moet je beginnen?

Met de juiste beweging. Skiën begint met het ontlasten van de ski waar we naartoe willen en dan staan we op de andere ski. Langzamer eerst bergski-, sneller eerst dalski ontlasten. Willen we langzamer, dan staan we op de dalski, dan gaan we richting de berg met de bergski en zullen we stoppen, want we komen haaks op de vallijn te staan. Want met die ski of dat been beginnen we met een stap.

Willen we sneller, dan staan we op de bergski en gaat de dalski richting dal. Zo kunnen we spelen met de snelheid en dus de vallijn of hellingshoek.

Alleen bij het schuin oversteken is er steeds een probleem; er zal van richting veranderd moeten worden, want de helling houdt op. Zoals al gezegd, zo deden we het vroeger. Nu zijn de ski’s parabolen (carveski’s) en niet recht.

Richting veranderen heet bocht maken.

Om een bocht te kunnen maken, hebben we controle over de ski’s nodig. Hoe beter de controle is, hoe makkelijker de ski’s van richtingsveranderingen gaan. Door van richting te veranderen, worden we geremd en gaan we via een bocht naar de andere kant.

Het leren beheersen van de ski’s en het goed erop staan is dus heel belangrijk.

De te volgen methode bepaalt hoe snel de ski’s beheerst worden en hoe er op de ski’s gestaan wordt.

De traditionele methode waarin de ploegtechniek geleerd wordt om de snelheid te beheersen, is een hele lange leerweg.

Gaat via vele omwegen en daardoor veel risico’s om verkeerde bewegingen te leren. Wat er via de ploeg geleerd wordt. Via het bewegen van het lichaam worden de ski’s bewogen en wordt er van richting veranderd.

Er wordt eerst geleerd te stoppen met de punten in de vallijn.  Is goed op een niet te steile helling, maar geeft veel problemen als de helling wat steiler of ijzig is.

Door een verkeerde benadering of onvoldoende gecorrigeerd te zijn, zijn er veel skiërs of skiester in de problemen gekomen.  Hierdoor is de snelheid niet onder controle of kan er geen bocht gemaakt worden zonder veel onnodige kracht te gebruiken.

Het plezier in het skiën wordt zo ontnomen en er kunnen blessures ontstaan.

PMTS-skisystemen.

Met de juiste beweging skiën.

juiste beweging skienDe PMTS direct parallelskiën is een korte leerweg. Deze gaat uit van natuurlijke basisbewegingen, waarbij de ski’s elkaar nooit kunnen kruisen en altijd parallel staan.

Het bewegen van de ski’s van kant op kant staat hier centraal. Door met de voeten de ski’s in een hoek te plaatsen, moet het lichaam ook bewegen om in balans te blijven.

Laat je draaien door de ski’s, maar draai zelf de ski’s niet. Stoppen leren we vanaf het begin door een bocht af te maken en zo haaks op de vallijn te staan.

Deze methode gaat uit van het hierboven beschreven principe en maakt gebruik van de nieuwe ontwikkelingen van de ski’s, skischoenen en stokken.

Dan is het leren van ploeg naar parallelskiën overbodig; er wordt namelijk vanaf het begin met de bewegingen gewerkt die ook bij het parallelskiën gemaakt moeten worden.

Het skiën is leuk en zal alleen maar leuker worden.

Blij dat ik glij.

Parallelskiën